Beste vale gier,

Afgelopen zomer hebben wij elkaar in La Grave in de Franse Alpen leren kennen.

Bij aankomst tijdens een kleine wandeling werd ik door jou warm verwelkomd. Je liet jou aanwezigheid opmerken door met je immense spanwijdte de zon even te laten verdwijnen. Algauw escaleerde deze beschaafde ontmoeting tussen mens en gier in een soort 'openbare rave' waarbij een twintig tal gieren rond mijn hoofd draaiden en de zon als een stroboscoop in mijn ogen knipperde.

Terug gekomen in het dorp kwam mij ter oren dat jou terugkomst het gevolg was van de wederkeer van de wolf in de Franse Alpen. Al van verre had de geur van vers bloed jou en vervolgens vele andere naar La Grave getrokken. Honderden kilometers zwevend en opstijgend door de warme lucht leg jij elke dag weer af opzoek naar restjes.
Ik heb het gevoel de mens hier altijd een beetje op je neerkijkt, maar ik zeker niet.

Ik kijk naar je op. In de dagen die hierop volgden verwonderde ik mij over; hoe je van zo hoog in de lucht vertrouwende op zicht en geur je weg naar eten wist te vinden, hoe je alles wat je vindt bereid bent te delen met jou soortgenoten en gezamenlijk een slachtveld kunt omtoveren tot een fameus familiediner.

Tegen het eind van mijn verblijf in La Grave kwam ik jou dan nog een keer in volle glorie tegen. Vlak voor de top van de Goléon vloog jij recht over mijn hoofd. Het leek wel een snel afscheid voor dat we allebei weer naar andere oorden vertrokken.

Gegroet mijn vriend vale gier, en hopelijk tot gauw!

Kay